Ingezakte kaars na het maken, hoe voorkomt u dat?
Heeft u weleens te maken met een ingezakte kaars na het maken? Wij vertellen u graag hoe dat komt en wat u er aan kunt doen. Een zelfgemaakte kaars uit de mal halen is een van de leukste momenten tijdens het werken met kaarsenwas. De mooie vorm, het gladde oppervlak, het gevoel dat uw kaars precies is geworden zoals u had gehoopt, u kent het vast wel. Als uw kaars echter tijdens het afkoelen of na het uitharden begint in te zakken, bent u natuurlijk flink teleurgesteld. Die mooie, strakke vorm verandert langzaam in een kaars met een kuil of ingezakt midden. Dat is niet alleen jammer, maar ook frustrerend, zeker als u er tijd en aandacht in hebt gestoken. Gelukkig is er goed nieuws: een ingezakte kaars is vaak prima te verklaren én te voorkomen. Hier leest u meer over de oorzaken en oplossingen.
Het verschil tussen inzakken tijdens het afkoelen en na het afkoelen
Voordat we in de oorzaken duiken is het belangrijk om goed te kijken naar wanneer de kaars inzakt. Gebeurt dit al tijdens het afkoelen of ontstaat de kuil pas nadat de kaars volledig is uitgehard? Beide situaties kunnen een andere oorzaak hebben en vragen dus ook om een andere aanpak. Inzakken tijdens het afkoelen ontstaat vaak doordat de was in het midden langer vloeibaar blijft dan aan de buitenkant. Hierdoor kan er tijdens het stollen een kuil ontstaan. Heeft u echter een ingezakte kaars nadat deze volledig is afgekoeld, dan kan dit bijvoorbeeld komen door krimp van de was of doordat de kaars niet op de juiste manier is afgekoeld. Zonde, maar gelukkig meestal goed te voorkomen.
Oorzaken van een ingezakte kaars
In de praktijk zijn er meerdere factoren die kunnen leiden tot een ingezakte kaars. Hier leest u meer over de meest voorkomende oorzaken, zodat u ze in de toekomst kunt herkennen én vermijden.
De was krimpt tijdens het afkoelen
Een van de meest voorkomende oorzaken van een ingezakte kaars is krimp tijdens het afkoelen. Wanneer gesmolten kaarsenwas afkoelt, wordt de vloeibare was vast. Daarbij kan het volume van de was afnemen. De buitenkant van de kaars stolt vaak eerder dan het midden, waardoor er in het midden een kuil kan ontstaan. Wat helpt? Houd rekening met de eigenschappen van de gebruikte was en laat de kaars rustig en gelijkmatig afkoelen.
De giettemperatuur is niet geschikt
De temperatuur waarop u de kaarsenwas giet, heeft veel invloed op het uiteindelijke resultaat. Giet u de was te heet, dan kan de buitenkant al stollen terwijl het midden nog langere tijd vloeibaar blijft. Hierdoor kan later een kuil ontstaan. Giet u de was juist te koud, dan kan het oppervlak onregelmatig worden. Wat helpt? Houd u aan de aanbevolen verwerkingstemperatuur van de gekozen kaarsenwas en gebruik eventueel een thermometer om de temperatuur nauwkeurig te controleren.
De kaars koelt te snel af
Ook een te snelle afkoeling kan ervoor zorgen dat uw kaars inzakt. Wanneer de buitenkant snel hard wordt terwijl het midden nog warm en vloeibaar is, ontstaat er spanning in de kaars. Zodra het midden verder afkoelt en krimpt, kan het oppervlak naar beneden trekken. Wat helpt? Zet de gevulde mal op een rustige plek en voorkom grote temperatuurverschillen. Zet de kaars bijvoorbeeld niet direct op een zeer koude ondergrond en plaats hem niet in de koelkast om het proces te versnellen.
De vorm van de kaars
De vorm en het formaat van uw kaars kunnen ook invloed hebben op het ontstaan van een kuil. Bij hoge of brede kaarsen kan het midden langer vloeibaar blijven dan de buitenkant. Hierdoor is de kans op krimp en een ingezakt oppervlak groter. Wat helpt? Houd bij het kiezen van een mal rekening met de hoeveelheid was en de vorm van de kaars. Bij grotere kaarsen kan het bovendien nodig zijn om tijdens het afkoelen extra aandacht te besteden aan het midden van de kaars.
De verkeerde manier van afkoelen
Het afkoelen van een kaars is misschien wel een van de meest onderschatte stappen bij het maken van kaarsen. Als u de kaars te snel probeert af te koelen, kan het oppervlak ongelijkmatig stollen. Ook tocht, een koude ondergrond of grote temperatuurverschillen kunnen invloed hebben op het resultaat.
Wat helpt? Laat uw kaars rustig afkoelen op kamertemperatuur. Zet de mal op een stabiele ondergrond en verplaats deze zo min mogelijk tijdens het stollen. Geef de kaars voldoende tijd om volledig uit te harden voordat u hem uit de mal haalt.
Hoe herkent u de oorzaak van uw ingezakte kaars?
Heeft u een ingezakte kaars na het maken? Elk probleem tijdens het stollen laat sporen na en dat betekent dat u door goed te kijken meestal wel kunt achterhalen wat er misging. Een duidelijke kuil in het midden wijst vaak op krimp tijdens het afkoelen. Een ongelijkmatig oppervlak kan ontstaan door een verkeerde giettemperatuur of te snelle afkoeling. Scheurtjes of andere onregelmatigheden kunnen eveneens wijzen op temperatuurverschillen tijdens het stollen. Door deze signalen te leren herkennen, wordt u steeds zekerder in het werken met kaarsenwas.
Tips om het inzakken van uw kaars voortaan te voorkomen
Wilt u de kans op een ingezakte kaars tot een minimum beperken? Dan hebben we een paar praktische tips die u meteen kunt toepassen:
Gebruik een thermometer
Controleer de temperatuur van uw kaarsenwas voordat u deze giet.
Laat de kaars rustig afkoelen
Geef de was voldoende tijd om gelijkmatig uit te harden.
Voorkom grote temperatuurverschillen
Zet een warme kaars niet op een koude ondergrond en plaats hem niet direct in de koelkast.
Houd rekening met de gebruikte was
Iedere soort kaarsenwas heeft zijn eigen eigenschappen en verwerkingstemperatuur.
Vul een grote mal indien nodig bij
Bij sommige soorten was kan het nodig zijn om na de eerste afkoeling wat extra gesmolten was toe te voegen om een ontstane kuil op te vullen.
En als uw kaars toch weer inzakt?
Geen paniek! Een ingezakte kaars betekent niet automatisch dat u helemaal opnieuw moet beginnen. Een kleine kuil kan bij sommige soorten kaarsenwas eenvoudig worden bijgewerkt door voorzichtig opnieuw wat gesmolten was toe te voegen. Laat deze vervolgens rustig afkoelen en volledig uitharden. Ook belangrijk: laat u niet ontmoedigen. Iedereen die met kaarsenwas werkt, krijgt vroeg of laat te maken met een kaars die niet helemaal wordt zoals gehoopt. Wat telt, is dat u ontdekt waar het misging. Elke poging brengt u dichter bij een mooi en gelijkmatig resultaat. En voor u het weet, maakt u kaarsen met een strak oppervlak en een mooie vorm.
Meer weten?
Deze blog gaat over het voorkomen van een ingezakte kaars. Wilt u meer weten over het maken van kaarsen? Leest u dan ook eens onze blogs Kaarsen maken van restjes kaarsvet, Hoeveel kaarsen kunt u maken met 1 kg was? of Kaarsen maken zonder lont.

